1. Achtergrond invoering wet donorgegevens kunstmatige bevruchting in 2004
Specialisten lopen op de brug in het Atrium Arnhem

Achtergrond invoering wet donorgegevens kunstmatige bevruchting in 2004

Rijnstate biedt sinds begin jaren ’90 vrouwen met een onvervulde kinderwens de mogelijkheid van kunstmatige bevruchting met donorzaad. Destijds konden mannen die deze vrouwen wilden helpen, anoniem zaad doneren bij de spermabank van Rijnstate. Met dit zaad werd via kunstmatige inseminatie geprobeerd om de vrouwen zwanger te maken. Op deze manier hebben veel vrouwen en stellen alsnog hun kinderwens in vervulling zien gaan.

Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting

In 2004 werd na veel discussie en een lange voorbereidingsperiode de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting ingevoerd. Spermadonoren die na 1 juni 2004 doneerden, moesten als ‘bekende donor’ worden geregistreerd. Hierbij werden hun gegevens opgenomen in een register van de Stichting Donorgegevens Kunstmatige Bevruchting (SDKB). Deze stichting was speciaal ingesteld voor uitvoering van de nieuwe wet. Spermabanken kregen het verzoek om hun donoren te vragen of zij na invoering van de wet wilden blijven doneren als ‘bekende donor’ of wilden stoppen en anoniem wilden blijven.

De bedoeling van de wet was om de belangen te behartigen van de kinderen die door kunstmatige bevruchting werden geboren. De wet maakt het namelijk mogelijk dat een donorkind zodra het 16 jaar is, de identiteit van de donor te weten kan komen. Het kind kan dan als het wil de gegevens van zijn of haar donor opvragen bij de SDKB. SDKB neemt in dat geval contact op met de donor om te vragen of de donor zijn gegevens vrij wil geven. Een donor moet zwaarwegende redenen hebben om dit te weigeren.

Als het kind contact wil met zijn/haar donor, bemiddelt de stichting Fiom daarin. Een donor is niet verplicht om contact aan te gaan. Als spermakliniek hebben wij geen rol in het doorgeven van de donorgegevens aan kinderen of het tot stand brengen van eventueel contact: dit is belegd bij SDKB en Fiom.

Hoe verliep de invoering van de nieuwe wet bij Rijnstate?

Voor de invoering van de nieuwe wet in 2004 hebben wij de toen actieve donoren benaderd met de vraag of zij anoniem wilden blijven of bekend wilden worden. Er was geen verplichting om inactieve donoren van voor 2004 te benaderen. Van de donoren die door wilden gaan als bekende donor, zijn de gegevens geregistreerd en doorgegeven aan de SDKB.

Er waren donoren die al voor 2004 als ‘bekende  donor’ doneerden. Een aantal van hen heeft bij de wetswijziging aangegeven met terugwerkende kracht anoniem te willen zijn. Een toenmalige gynaecoloog van Rijnstate heeft dit destijds toegezegd en de gegevens van deze donoren niet aangeleverd bij SDKB. Toen wij dit ontdekten, hebben wij contact gezocht met de betreffende donoren en voor zo ver zij te bereiken waren, hun gegevens alsnog doorgegeven aan de stichting. Wij zijn nu bezig met het melden van de geboortes die door deze donoren tot stand zijn gekomen. Deze kinderen kunnen zich vanaf hun 16e levensjaar wenden tot SDKB met een verzoek om de gegevens van hun donor. Een donor van voor 2004 kan vrijgave van gegevens echter altijd weigeren.

In 2017 ontvingen alle spermaklinieken een brief van SDKB dat het toch gewenst is om ook de gegevens van de anonieme donoren door te geven aan SDKB, waarbij de anonimiteit van de donor wordt gewaarborgd. Aan deze wens proberen wij tegemoet te komen, waarbij wij uiteraard niet kunnen garanderen dat wij alle donoren vanaf begin jaren ’90 nog kunnen bereiken en registratie nog volledig gaat lukken.

Tot slot

Er was destijds landelijk veel onduidelijkheid over de uitvoering van de nieuwe wet en iedere kliniek heeft hier op eigen wijze invulling aan gegeven. Wij vinden het belangrijk dat er landelijk heldere afspraken worden gemaakt en nagekomen. De gynaecologen van Rijnstate maken zich in het landelijk overleg met de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie (NVOG) en met het ministerie van VWS sterk om de belangen van donorkinderen, hun ouders en donoren zo goed mogelijk te behartigen.