1. Katheters
Urologie
Rijnstate polikliniek Urologie balie

Katheters

Een katheter wordt gebruikt om urine uit de blaas af te voeren. De meest voorkomende reden om een katheter te plaatsen is retentie of incontinentie. Bij retentie kunt u uw blaas niet meer op de normale manier legen. Bij incontinentie is er sprake van ongewild urineverlies.

Er zijn verschillende soorten katheters:

Als u pas een katheter heeft, kan dit onaangenaam aanvoelen. De katheter kan irritatie in uw plasbuis veroorzaken. Soms komt hierdoor wat bloed in de urine en is de urine rosékleurig. Als u goed drinkt, gaat dit vanzelf over. Ook kan de katheter irritatie in de blaas veroorzaken. U voelt dan een wat zeurderige pijn onderin uw buik die in aanvallen optreedt en u heeft het gevoel dat u moet plassen. We noemen dit blaaskrampen. U kunt een pijnstiller (paracetamol 500mg) innemen, zodat het kramp- en pijngevoel minder wordt. Vermindert de kramp na een paar dagen niet, neemt u dan contact op met de polikliniek Urologie.

Urine-opvangzak

Aan het einde van de katheter kan een urine-opvangzak worden bevestigd. Er zijn zakken voor de dag en voor de nacht. Dagzakken noemen we ook wel beenzakken. Dit zijn kleinere opvangzakken die met behulp van banden of een fixatiekous op uw been vastgemaakt kunnen worden. Nachtzakken zijn grotere zakken voor meer inhoud en met langere afvoerslangen. Een nachtzak kunt u ’s avonds voor dat u naar bed gaat aanbrengen en naast uw bed hangen. 

Katheterkraantje

In overleg met uw uroloog is het ook mogelijk om een katheterkraantje te gebruiken in plaats van opvangzakken. Een katheterkraantje wordt aan het einde van de katheter geplaatst. De urine blijft dan in de blaas tot u aandrang krijgt.

Katheterkraantje - urologie

Als u aandrang krijgt, zet u het katheterkraantje open en loopt de urine uit de blaas. Het is belangrijk dat u het katheterkraantje om de vier uur een keer open zet om te voorkomen dat de blaas te vol loopt zonder dat u het merkt. ’s Nachts kunt u indien nodig een nachtzak aan het katheterkraantje aansluiten. Let er dan wel op dat het katheterkraantje open staat, zodat de urine in de nachtzak kan lopen.

Het vervangen van de katheter

Uw uroloog heeft u verteld hoelang u de katheter moet dragen. Als deze periode langer is dan zes weken, moet de katheter verwisseld worden. Het verwisselen van de katheter gebeurt om de zes tot twaalf weken door uw huisarts of wijkverpleegkundige of u heeft hiervoor een afspraak in het ziekenhuis.

Waar moet u op letten?

  • Drink minstens 2 liter vocht per dag
    Als u een katheter heeft is het belangrijk dat u goed drinkt, minstens 2 liter vocht per dag. Zo produceert u voldoende urine, worden de afvalstoffen met de urine uit uw lichaam afgevoerd en verminderen blaaskrampen en verstoppingen van de katheter.
  • Houd uw stoelgang in de gaten
    Het is belangrijk dat uw stoelgang regelmatig is. Verstopping van de darmen kan het afvoeren van urine belemmeren. Eet daarom vezelrijke voeding, zoals vers fruit, groente en volkorenbrood.
  • Dagelijkse beweging is belangrijk
    U kunt uw normale dagelijkse bezigheden gewoon blijven doen. Wij raden u aan om dagelijks te bewegen. Ook sporten hoeft geen probleem op te leveren.
  • Vrijen met een katheter kan hinderlijk zijn
    Het is mogelijk dat de katheter tijdens het vrijen hinderlijk is. Dit kunt u bespreken met uw arts of de verpleegkundige. Zij kunnen u advies en tips geven en uw vragen beantwoorden.
  • We bevelen het gebruik van een fixatiepleister aan om complicaties te voorkomen.
  • U komt eenmaal per jaar op controle bij de uroloog.

Klachten bij het gebruik

Heeft u één of meer van de volgende klachten, neem dan contact op met uw huisarts of wijkverpleegkundige.

  • Er zit veel bloed in uw urine en dit verdwijnt niet na veel drinken.
  • Uw urine is troebel en heeft een sterke geur. Ook heeft u een blijvende (zeurende) pijn in uw onderbuik en koorts.
  • Er lekt veel urine langs de katheter en er loopt niets meer in de zak.
  • U heeft heftige aanvallen van blaaskrampen.

Vragen?

Heeft u nog vragen, stelt u deze dan stellen aan uw uroloog of verpleegkundige tijdens uw afspraak. Het kan handig zijn om uw vragen van tevoren op papier te zetten. Natuurlijk kunt u met uw vragen ook telefonisch bij ons terecht. Het telefoonnummer van de polikliniek Urologie is 088 - 005 7705.