Uw ziekenhuis met lokaties in Arnhem, Zevenaar, Velp, Dieren en Arnhem-Zuid.

Galbulten of Netelroos

Wat zijn galbulten? Wat is netelroos?

Urticaria (urtica = brandnetel) is de medische naam voor netelroos of galbulten. Het is een huiduitslag die vaak heftig jeukt, zich in korte tijd ontwikkelt en waarbij de afzonderlijke plekken ook binnen 24 uur weer wegtrekken (meestal al binnen enkele uren).
Het begint met rode vlekjes, die daarna kunnen overgaan in verdikte rode of bleke plekken. De huidafwijkingen kunnen samenvloeien tot grotere plekken. Een dergelijke plek noemen we een urtica of kwaddel.
We spreken van acute netelroos als de periode waarin de netelroos optreedt in totaal niet langer dan 6 weken duurt. Dit is meestal het geval. We spreken van chronische netelroos wanneer de netelroos langer dan 6 weken voortduurt.

In de meeste gevallen is deze huidaandoening van korte duur (acute netelroos). Soms zelfs zo kort dat de verschijnselen alweer weg zijn, voordat men besloten heeft naar de huisarts te gaan. Niettemin zijn er mensen bij wie netelroos langdurig optreedt en zelfs maanden tot jaren kan voortduren (chronische netelroos).

Hoe ontstaat netelroos?

Bijna een kwart van de bevolking krijgt in de loop van zijn/haar leven netelroos. De aandoening komt voor bij zowel mannen als vrouwen en op alle leeftijden. Bij het ontstaan van netelroos speelt histamine een belangrijke rol. Histamine ligt opgeslagen in bepaalde cellen (voornamelijk mestcellen) in de huid. Histamine wordt uit deze cellen vrijgemaakt onder invloed van prikkels van uiteenlopende aard. Door het vrijkomen van histamine verwijden bloedvaten zich, waardoor de huid een rode kleur krijgt. Bovendien veroorzaakt histamine een toegenomen doorlaatbaarheid van vocht door de wanden van de bloedvaten, waardoor vochtophoping ontstaat in de huid. Ook veroorzaakt histamine jeuk.

De prikkels, die histamine kunnen vrijmaken, kunnen ingedeeld worden in de volgende groepen:

  • fysische prikkels (lichamelijke inspanning, plaatselijke druk op de huid, koude, warmte, zonlicht)
  • geneesmiddelen (vooral pijnstillers en antibiotica)
  • acute en chronische infecties (vooral veroorzaakt door bacteriën en parasieten)
  • allergie voor voedingsmiddelen (bijvoorbeeld eieren, schaaldieren en fruit)
  • voedseltoevoegingen (kleurstoffen, conserveringsmiddelen en smaakversterkers)
  • insectensteken en beten (vlooien, mijten, luizen, muggen, wespen)
  • allergie voor ingeademde producten (schimmelsporen, dierlijke huidschilfers)
  • contact op de huid met bepaalde stoffen, zoals planten, rubber, dierlijke eiwitten en crèmes
  • interne ziekten (stofwisselingsziekten, hormonale stoornissen, auto-immuunziekten).

Soms zijn meerdere prikkels tegelijkertijd aanwezig.
Ook kunnen sommige prikkels reeds bestaande netelroos verergeren, zoals fysische prikkels en pijnstillers. Bij chronische netelroos kan bij 60-90% van de patiënten geen oorzaak gevonden worden. Ofschoon er geen duidelijke erfelijke aanleg bestaat, komt netelroos in bepaalde families vaker voor. Dit geldt vooral bij bepaalde vormen van netelroos, zoals koude-urticaria en zonlicht-urticaria.

Wat zijn de verschijnselen?

De typische netelroos is een intens jeukende, scherpbegrensde verheven rode plek, welke vaak centraal bleek is. Afzonderlijke plekken kunnen groter worden en samenvloeien met andere plekken. Kenmerkend is dat ze binnen enkele uren verdwijnen zonder restafwijkingen aan de huid achter te laten.

Er is geen bepaalde voorkeursplaats: netelroos komt even vaak voor op armen, benen, romp en in het gezicht. Wanneer omgevingsfactoren een rol spelen ontstaan de afwijkingen meestal ter plaatse van het contact of inwerking. Drukurticaria komen voor op knieën, handpalmen en voetzolen; netelroos door insectenbeten meestal op onderarmen en onderbenen.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Netelroos wordt door artsen gemakkelijk herkend. De arts zal eerst vragen naar de meest voorkomende oorzaken. Het al pratend samen zoeken naar een mogelijke oorzaak leidt in een groot aantal gevallen tot de oplossing, zonder dat verder onderzoek noodzakelijk is. Pas wanneer er aanwijzingen zijn voor een mogelijke oorzaak, kan daar nog eventueel een gericht onderzoek naar worden gedaan.

Wat is de behandeling?

De behandeling bestaat uit het vermijden van de uitlokkende prikkel, wanneer die tenminste bekend is. Als dit niet mogelijk is, zijn geneesmiddelen die de werking van histamine blokkeren (antihistaminica) meestal effectief. Soms hebben antihistaminica als bijwerking, dat men er suf of slaperig van wordt. Vaak moeten ze in een hogere dosering worden gebruikt dan bij hooikoorts.
Afhankelijk van de reactie op antihistaminica zijn soms ook andere geneesmiddelen nodig, zoals corticosteroïden. Eventueel kan ook gebruik worden gemaakt van een jeukstillende lotion of een schudsel.