1. Skiduim
Aandoening en behandeling
Specialist in spreekkamer geeft patiënte een hand

Skiduim

Wat is een skiduim?

Bij de overgang van de duim naar de hand zit een scharniergewricht, het MCP-gewricht (metacarpofalangeale gewricht). Dit gewricht wordt stabiel gehouden door een samenspel van verschillende elementen in de duim en hand. Hierdoor heeft de duim veel bewegingsvrijheid en tegelijkertijd worden de bewegingen beperkt zodat het gewricht niet beschadigd raakt en de duim krachtig kan grijpen. Onderdeel van dit ingewikkelde systeem zijn de gewrichtsbanden (ligamenten).

Bij een skiduim of jachtopzienersduim gaat het specifiek om één van die ligamenten, het ulnaire collaterale ligament. Deze gewrichtsband zorgt ervoor dat de duim niet te ver naar achteren, weg van de hand, kan buigen. Bij de skiduim is deze gewrichtsband met kracht geheel of gedeeltelijk gescheurd of verrekt. Bij de jachtopzienersduim is de band verzwakt door jarenlange overbelasting. Het resultaat van beide is een onstabiel gewricht. Soms is bij het met kracht ontstaan van het letsel ook een botfragmentje losgekomen. Als de instabiliteit langdurig blijft voortduren kan slijtage in het gewricht optreden.

Klachten

Als u last heeft van een skiduim of een jachtopzienersduim uit zich dat beide in zwelling en pijn bij het onderste gewricht van de duim, aan de binnenzijde van de overgang van de duim naar de hand. De pijn is zeer precies, met één vinger aan te wijzen. Op die plaats kan er ook een blauwe verkleuring van de huid te zien zijn en u heeft last van krachtverlies van de duim. U merkt dat vooral bij het opendraaien van een pot of het samenknijpen van de wijsvinger en de duim. Onterecht worden de termen skiduim en jachtopzienersduim vaak als synoniemen gebruikt, maar zoals gezegd zit het verschil in de oorzaak van het letsel.

Oorzaak

Bij een skiduim is er sprake van acuut letsel, dat wil zeggen dat de gewrichtsband beschadigt door een grote kracht die de duim naar buiten laat klappen. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als een skiër tijdens een val met zijn duim in de lus van de skistok blijft haken. Ongeveer 5 tot 10% van alle skiletsels betreft een skiduim en het is het meest voorkomende armletsel bij skiërs, vandaar de naam. Ook bij balsporten zoals volleybal, basketbal of voetbal komt het regelmatig voor wanneer een bal met grote snelheid op de uitgestrekte duim terecht komt.

Eerste Hulp

Bij acuut letsel is het zaak de duim direct te immobiliseren (onbeweeglijk te maken), te koelen en hoog te houden. Met noemt dit het ICE-principe:

  • immobilisation
  • cooling
  • elevation

Daarna zo snel mogelijk naar een arts en de situatie waarbij het letsel is opgelopen goed beschrijven.

Onderzoeken

Als u de klachten herkent, zeker na een harde klap op de gestrekte duim, is een grondig onderzoek van een arts noodzakelijk. Een skiduim komt vaak voor, maar wordt soms niet herkend en dit kan de kans op een volledig herstel kleiner maken en slijtage aan het gewricht veroorzaken. De arts zal eerst naar uw verhaal luisteren en uw duim bekijken en bevoelen. Kunt u de pijnlijke plek heel precies aanduiden en is er een blauwe verkleuring van de huid te zien op de plek waar de pijn zit? Soms kan de arts een scheur in de band door de huid heen voelen, maar een zwelling kan dit moeilijk maken. Als u continu pijn voelt, ook als u de duim niet beweegt, is er waarschijnlijk sprake van een uitgerekte band.

Valgusstress-test

Daarna zal de arts de Valgusstress-test uitvoeren om te zien hoe stabiel het gewricht nog is. Hierbij duwt de arts de duim naar buiten en naar achteren in verschillende posities. De stabiliteit van het gewricht bepaalt de arts aan de hand van de grootte van de hoek die de duim kan maken. Hierbij wordt ook een vergelijking gemaakt met de gezonde duim. Als het gewricht nog redelijk stabiel is, is de kans groot dat het gaat om een gedeeltelijk gescheurde of verrekte band. Als het gewricht erg onstabiel is, is de band waarschijnlijk geheel gescheurd. Soms wordt deze test uitgevoerd terwijl men een röntgenfoto neemt. Op die manier wordt beeldend duidelijk hoe onstabiel het duimgewricht is.

Omdat deze test heel pijnlijk kan zijn kunt u met de arts overleggen over een pijnstillende injectie. In sommige gevallen is het echter belangrijk dat u kunt aangeven of de pijn erger wordt in een bepaalde stand. Pijnstilling is dan niet mogelijk.

Röntgenfoto, echografie

Na een harde klap op de duim (acuut letsel) zal er altijd een röntgenfoto genomen moeten worden omdat het mogelijk is dat er naast de geblesseerde band ook een botfragmentje losgekomen is. Een dergelijke breuk heet een avulsiefractuur.
Wanneer de arts een volledig gescheurde band vermoedt, kan het noodzakelijk zijn een echografie uit te voeren. Met geluidsgolven wordt dan een beeld gevormd van de binnenkant van uw duim. Hiermee kan duidelijk worden of er sprake is van een volledige afscheuring met een extra complicatie, de Stener laesie. In dit geval is de gescheurde band onder een nabijgelegen pees vandaan geschoten. De operatieve ingreep die dan nodig is om de band opnieuw aan het bot te verankeren vereist extra vaardigheid en ervaring van de chirurg.

Behandeling

Het doel van de behandeling is het gewricht opnieuw te stabiliseren. Een snelle behandeling maakt de kans op een volledig herstel van de kracht en beweeglijkheid van de duim aanzienlijk groter. Welke behandeling wordt ingezet hangt in de eerste plaats af van de ernst van de blessure.

Is de gewrichtsband verrekt of gedeeltelijk gescheurd dan zal de arts eerst een conservatieve (niet-chirurgische) behandeling starten. Dat is zelfs mogelijk wanneer er een botfragmentje is losgekomen dat nog heel mooi op de juiste plek staat. Als de band geheel gescheurd is of een losgeraakt botfragmentje is tijdens het ongeval verschoven, is een operatie noodzakelijk.

Conservatieve behandeling (zonder operatie)

Als er geen breuk is en de band is niet volledig door- of afgescheurd, of er is een nette breuk en de duim staat in de gewone stand, dan kan worden volstaan met een spalk. U krijgt eerst ongeveer 2 weken een vaste gipsspalk. Men zet uw duim in een licht gebogen stand zodat er geen spanning op de geblesseerde band staat. Als de verrekking erg licht is kan men ook volstaan met het intapen van de duim. Na deze periode zal de arts de stabiliteit van het gewricht testen. Als er voldoende stabiliteit is stapt u over op een afneembare spalk en moet u beginnen met oefeningen.
Deze periode duurt ongeveer drie tot vier weken.

Oefeningen

Vijfmaal per dag mag u de spalk afdoen en, gedurende 5 tot 10 minuten, voorzichtig de duim buigen en strekken. U mag spanning voelen, maar geen pijn.
Als dit goed gaat mag u beginnen met het opbouwen van de kracht van uw duim. Hiervoor moet u de duim en wijsvinger in de pincetgreep zetten terwijl het gewricht onder aan de duim recht blijft, vervolgens kunt u de druk opvoeren. De fysiotherapeut leert u hoe u deze oefening op de juiste manier moet uitvoeren. De ergotherapeut zal u leren hoe u de duim kunt ontzien door bijvoorbeeld zware voorwerpen anders beet te pakken. Na ongeveer acht weken kunt u uw normale bezigheden weer oppakken.

Operatieve behandeling

De operatie vindt plaats in dagopname, dat wil zeggen dat u dezelfde dag nog naar huis mag. U krijgt volledige narcose of een regionale verdoving. In het laatste geval krijgt u een injectie in de oksel. De pijn van de injectie is te vergelijken met de verdoving bij de tandarts.

De chirurg zal het uiteinde van de gewrichtsband met een speciale techniek aan het bot hechten, zodat de hechtingen voldoende beweging toelaten. Een eventueel klein los botfragmentje zal worden verwijderd, maar een groter fragment wordt op de juiste plek teruggeplaatst en, indien nodig, met een stalen pin of ankertje vastgezet.

Als de operatie binnen vier weken na het ongeval heeft plaatsgevonden is het resultaat meestal erg goed. De pijn en stijfheid zijn vaak minimaal en de kracht van de duim herstelt zich meestal volledig.


Behandeling in het Hand- en Polscentrum