Aandoening, behandeling en onderzoek
Specialist in spreekkamer geeft patiënte een hand
Laatste informatie over het coronavirus

Wortelpuntoperatie

U bent door uw tandarts doorverwezen naar de kaakchirurg voor een wortelpuntoperatie. Bij de wortelpuntoperatie verwijdert de kaakchirurg de ontsteking aan de wortelpunt. De wortel blijft behouden en het kanaal in de tand of kies wordt afgesloten. Hier leest u meer informatie over deze behandeling.

Wortelkanaal 

Tanden en kiezen bestaan uit een kroon en één of meer wortels. De kroon is het gedeelte dat boven het tandvlees zichtbaar is, de wortels zitten onder het tandvlees in de kaak verankerd. In iedere wortel loopt een kanaal, het wortelkanaal. Het wortelkanaal is gevuld met zenuwvezels en kleine bloedvaten, ook wel pulpa genoemd. Dit is levend weefsel.

Wortelpuntontsteking 

Door tandbederf, een lekkende vulling, of als gevolg van een harde klap op een tand kan de pulpa ontstoken raken. Door de ontsteking kunt u last hebben van gevoeligheid bij het drinken van koude of warme dranken. De ontstoken pulpa sterft uiteindelijk af en kan dan een ontsteking rondom de wortel veroorzaken. Bij het dichtbijten kan de tand of kies dan te hoog aanvoelen en pijn doen. In een later stadium kan de ontsteking doorbreken in de mond. Pus kan hierdoor wegvloeien, de pijn verdwijnt, maar de ontsteking is niet weg. (Fig.1) 

Figuur 1

Meestal zal de tandarts een wortelkanaalbehandeling uitvoeren. Hierbij wordt de tand of kies geopend, het wortelkanaal schoongemaakt en vervolgens opgevuld om het af te sluiten. Als de afsluiting goed is gelukt, verdwijnen de klachten en verdwijnt de ontsteking. Soms blijft er echter lekkage vanuit het kanaal, waardoor de ontsteking in stand gehouden wordt. Het is hierdoor soms nodig dat de kaakchirurg ontstekingen aan de wortelpunten behandelt: 

  • als een reeds aangebrachte kanaalafsluiting lekt en niet te verwijderen is, waardoor de ontsteking blijft bestaan.
  • als de ontsteking erg groot is;
  • als de kanalen zeer kronkelig en verstopt zijn.

Voorbereiding thuis 

  • Gebruik geen aspirine-bevattende medicijnen voor de ingreep, omdat de kans op een nabloeding daardoor groter wordt.
  • Het is aan te bevelen vervoer naar huis te regelen, omdat u na de behandeling beter niet zelf aan het verkeer kunt deelnemen.
  • Als u regelmatig medicijnen gebruikt, vraag uw apotheker dan om een AMO, een actueel medicatie overzicht. Neem dit mee naar de kaakchirurg. U kunt ook al uw medicijnen meenemen in de originele verpakking. De kaakchirurg kan dan zien wat u gebruikt en zal daar dan rekening mee houden.

Screening op BRMO 

Voor de ingreep wordt u op BRMO gescreend. BRMO is de afkorting voor bijzonder resistente micro-organismen. Alle bacteriën die ongevoelig zijn voor veelgebruikte antibiotica noemen we BMRO. De bekendste BRMO zijn: 

  • MRSA (Meticilline Resistente Staphylococcus aureus)
  • VRE (Vancomycine Resistente Enterokok)
  • ESBL (Extended Spectrum Beta Lactamase)

Screening op BRMO betekent dat wij onderzoeken of u drager bent van een BRMO. Ook als u gezond bent, kunt u een BRMO bij u dragen. Meestal heeft u dan geen verschijnselen of klachten. Als u minder weerstand heeft, kunt u wel een infectie krijgen. Ook kunt u anderen besmetten. Daarom is het belangrijk om te weten of u drager bent. Zo voorkomen we bovendien dat u onnodig in afzondering wordt opgenomen. En kunnen we bij een infectie de juiste behandeling bieden. 

Wanneer heeft u meer kans op BRMO? 
De kans dat u een BRMO bij u draagt, is groter als u: 

  • in de afgelopen twee maanden opgenomen bent in een buitenlands ziekenhuis;
  • behandeld bent in een buitenlands ziekenhuis;
  • vanwege uw beroep in contact komt met levende varkens, vleeskalveren of vleeskuikens;
  • woont op een bedrijf met varkens, vleeskalveren of vleeskuikens;
  •  ooit besmet bent geweest met een BRMO;
  • in contact komt met een drager van een BRMO.

We vragen hiernaar bij uw opname of behandeling op de polikliniek. Op basis van uw antwoorden en het onderzoek naar BRMO bepalen we of er extra voorzorgsmaatregelen nodig zijn.

Hoe doen we onderzoek naar BRMO? 
We onderzoeken het liefst voor uw opname of behandeling of u drager bent van een BRMO. Soms wordt na de behandeling alsnog gevraagd om mee te doen aan dit onderzoek. Dit doen we door met wattenstaafjes enkele uitstrijkjes te maken van uw neus, keel, rectum en eventuele wonden. Deze wattenstaafjes worden onderzocht in het laboratorium. Na ongeveer drie werkdagen is de uitslag bekend. 

De behandeling 

U krijgt een plaatselijke verdoving. Tijdens de behandeling wordt u bedekt met een doek. Deze ligt meestal ook over uw ogen om ze te beschermen tegen het felle licht en de instrumenten.

Figuur 2

De kaakchirurg maakt een kleine snee in het tandvlees en schuift het tandvlees opzij. Hij boort een gaatje door het kaakbot naar de ontsteking en verwijdert de ontsteking. Vaak haalt hij ook een stukje van de wortelpunt weg, omdat hier veel zijkanaaltjes zitten die niet goed afgesloten kunnen worden. (Fig.2)

Als er al een vulling in het wortelkanaal zit, sluit hij het kanaal aan de onderkant af met een vulling in de wortelpunt. (Fig.3) In een enkel geval is het wortelkanaal wel doorgankelijk. De kaakchirurg vijlt dan het wortelkanaal schoon en sluit het af met een rubber kurkje. 

Figuur 3

Het wondje in het tandvlees wordt met een oplosbaar draadje gehecht. Direct na de behandeling wordt een controlefoto gemaakt. 

Na de behandeling 

Nadat de verdoving is uitgewerkt, kunt u pijn hebben. Deze is goed te bestrijden met pijnstillers waarvoor u een recept meekrijgt. Ook paracetamol kan hier voldoende zijn. Het is mogelijk dat uw wang dik wordt en dat u koorts krijgt. Door met ijs te koelen, vermindert de zwelling. De klachten verdwijnen na twee dagen geleidelijk. Als na drie dagen de pijn of zwelling toeneemt, moet u contact opnemen met de tandarts. Na de behandeling krijgt u de informatie ‘Verzorging na een wortelpuntoperatie’. Hierin staat hoe u eventuele klachten zoveel mogelijk kunt beperken.

Als de afsluiting van het wortelkanaal is gelukt, verdwijnen de klachten en groeit er weer bot in de holte die door de ontsteking is ontstaan. Het is verstandig om na een half jaar ter controle een röntgenfoto door de tandarts laten maken. Deze kan dan zien of de ontsteking weg is en vergelijkt de foto vergelijken met de foto die direct na de behandeling is gemaakt.

Complicaties en risico's 

  • Soms keert de ontsteking terug doordat de afsluiting niet goed is gelukt. De kans daarop is groter bij kiezen die achterin de mond staan en kiezen met meer kanalen.
  • De gevoelszenuw van de onderlip en kin loopt onder de wortels van de kiezen naar de lip en kin. Door die ligging is het mogelijk dat deze zenuw wordt beschadigd tijdens de behandeling van kiezen in de onderkaak. Op de röntgenfoto kan de kaakchirurg de afstand zien tussen ontsteking en zenuw en het risico op beschadiging inschatten. Als de afstand heel klein is, kan het verstandiger zijn de wortelpuntoperatie niet uit te voeren. De kies wordt dan getrokken.
  • Tijdens een wortelpuntoperatie aan een kies in de bovenkaak kan een gaatje naar de kaakholte ontstaan. Zeer zelden ontstaat hierdoor een ontsteking van de kaakholte.

Niet behandelen 

Als de ontsteking niet wordt behandeld, kan deze groter worden en aanleiding geven tot kaakbotverlies en verlies van tand of kies. Hierdoor kunnen ook de tanden of kiezen naast de aangedane kies schade ondervinden. Ook kan de ontsteking verergeren waardoor er meer klachten zoals een dikke wang en dergelijke ontstaan.

Vragen 

Voor vragen of afspraken kunt u contact opnemen met de polikliniek Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie via 088 - 005 7760. Ook kunt u afspraken maken via het internet, op www.rijnstate.nl.

Het is handig als u bij het maken van afspraken weet welke kies of tand behandeld moet worden. 

Sluiten

Welke informatie wilt u downloaden?

De pagina die u nu bekijkt, is automatisch aangevinkt om te downloaden. Ziet u hieronder nog meer pagina’s staan? Dan kunt u zelf aanvinken welke pagina’s u wilt toevoegen.

De huidige pagina

Lettergrootte PDF
Deel PDF via: