1. Hernia (lumbosacraal radiculair syndroom)
Aandoening en behandeling
Specialist in spreekkamer geeft patiënte een hand

Hernia (lumbosacraal radiculair syndroom)

Wat is een hernia?

Een hernia nuclei pulposi (HNP, kortweg hernia) is een uitstulping van een tussenwervelschijf, die een zenuw beknelt die naar het been of naar de arm loopt. Een hernia komt meestal laag in de rug voor en minder vaak in de nek. Een exacte oorzaak hiervoor is niet bekend, maar zeer waarschijnlijk spelen houding (veel zitten) en gebrek aan lichaamsbeweging een rol.

De tussenwervelschijf bestaat uit een elastische ring en een zachte binnenkant. Door een verticale houding van mensen ontstaat druk op de elastische ring. Door verslapping daarvan kan de zachte binnenkant gaan uitpuilen en afknelling van een zenuw, die in de buurt loopt, veroorzaken. Hernia‘s komen meestal voor op de leeftijd tussen de 25 en 50 jaar.

Welke klachten heeft u?

De voornaamste klacht is lage rugpijn die uitstraalt naar een been. De pijn ontstaat meestal in korte tijd, vaak zonder duidelijke aanleiding, soms plotseling, bijvoorbeeld bij tillen of na een verkeerde beweging. De uitstralende pijn in het been is erger dan de pijn in de rug. Vaak zijn er ook tintelingen of is er een doof gevoel in een deel van het been of in de voet. De pijn neemt toe bij hoesten en persen. Meestal geeft liggen verlichting van de pijn.

Hoe komen we tot een diagnose?

Op grond van de klachten is de diagnose soms al duidelijk. Met bepaalde tests bij het lichamelijk onderzoek kan zenuwprikkeling vastgesteld worden. Om te bepalen welke zenuw bekneld zit, is de route van de uitstralende pijn in het been belangrijk. Verder kijkt de arts naar spierkracht, de reflexen en het gevoel van de huid. Bij dit lichamelijke onderzoek kan een hernia naar alle waarschijnlijkheid worden vastgesteld, maar voor de zekerheid is een MRI-scan noodzakelijk. Hiermee kan een hernia worden aangetoond of worden uitgesloten.

Wat kan de huisarts voor u doen?

Een hernia is vaak erg pijnlijk, maar gelukkig onschuldig en bij de meeste mensen gaan de pijnklachten na zes tot negen weken vanzelf over. De huisarts kan u hierover uitstekend informeren en u hierbij begeleiden. Ook kan de huisarts voor de juiste pijnstilling zorgen.

Wat kunt u zelf doen?

De pijn in het been wordt minder als de druk op de zenuw vermindert. De uitpuilende tussenwervelschijf moet slinken, wat gelukkig vaak spontaan gebeurt. In de eerste weken moet u de rug zo weinig mogelijk belasten, maar bedrust is niet nodig. Pijnstillers helpen om deze periode door te komen. Fysiotherapie kan helpen, vooral om de toegenomen spierspanning te verminderen en de rugspieren sterker te maken. Fysiotherapie kan uiteraard de hernia zelf niet laten verdwijnen en ook de hersteltijd wordt hierdoor niet minder.

Wat kan het ziekenhuis voor u betekenen?

Rijnstate is al heel lang deskundig op het gebied van aanvullend onderzoek, advisering en behandeling van mensen met een hernia. Tegenwoordig kan op veel plaatsen een MRI-scan gemaakt worden, maar verwijzing naar Rijnstate heeft veel meerwaarde. Patiënten met herniaklachten krijgen niet alleen aan MRI-scan, maar ook een zeer deskundig en onafhankelijk advies voor de verdere behandeling van hun klachten.

De huisarts verwijst u naar de Rugpoli op de afdeling Neurologie. Daar krijgt u op een dagdeel een MRI-scan, uitleg en een advies voor de verdere behandeling.

Behandelingen

Er zijn veel behandelmogelijkheden voor patiënten met een hernia. Op de Rugpoli krijgt u hierover advies. U bepaalt samen met uw behandelend arts wat voor u de beste behandeling is. Rijnstate kan u bij de behandeling van hernia’s zowel een operatie als een zeer effectieve pijnbehandeling aanbieden. Voor een operatie verwijzen wij u graag naar de afdeling Orthopedie.

Voor sommige patiënten is een goede pijnbehandeling in het Pijncentrum van Rijnstate een betere keuze.

Video: instructie na een rughernia

Wetenschappelijk onderzoek

Rijnstate onderzoekt samen met gezondheidswetenschappers van de Vrije Universiteit en met het Erasmus MC en het LUMC of een nieuwe herniaoperatie net zo goed is als de gangbare herniaoperatie. Zijn beide operatietechnieken minstens even effectief, dan wordt de nieuwe techniek ook in het basispakket opgenomen. De kosten moeten dan ook ongeveer hetzelfde zijn.

    Voor een operatie bij een rughernia en/of kanaalstenose is een verblijf van één nacht in het ziekenhuis meestal voldoende. Op de eerste dag na de operatie mag u van de fysiotherapeut naar huis als u mobiel genoeg bent en de pijn onder controle is. Is dit niet het geval, dan moet u wat langer blijven.

    Bij elke ingreep kunnen er complicaties optreden. Naast algemene complicaties als een nabloeding of wondinfectie kunnen bij een hernia-operatie specifieke complicaties ontstaan. Bij het weghalen van de aangegroeide botrandjes of hernia komt de orthopedisch chirurg dichtbij de centrale zenuwbanen. Deze worden omgeven door een dun beschermend vlies, gevuld met vocht. Tijdens de operatie bestaat de kans dat het vlies beschadigd wordt en er vocht lekt. Dit lekje geneest meestal vanzelf, maar kan tijdelijk hoofdpijnklachten veroorzaken. 

    Ook kunnen er complicaties optreden door een zenuwbeschadiging: het ontstaan of een toename van krachtverlies in een been/ voet of een gevoelsstoornis(doofheid/tintelingen) in een been/voet. Om de risico's te beperken, wordt er tijdens de operatie gebruik gemaakt van röntgenapparatuur.

Onze specialismen

voor deze aandoening