1. Epilepsie
Aandoening en behandeling
Specialist in spreekkamer geeft patiënte een hand

Epilepsie

Epilepsie is een verzamelnaam voor aandoeningen waarbij regelmatig aanvallen optreden van veranderingen in de elektrische activiteit in de hersenen. Aanvallen ontstaan door een plotselinge, tijdelijke verstoring van de elektrische prikkeloverdracht in de hersenen, een soort ‘kortsluiting’. Tijdens epileptische aanvallen gaan groepen hersencellen zich chaotisch op hevige wijze gelijktijdig ontladen. Epilepsie kan voorkomen bij volwassenen en kinderen.

Aanvallen

Het soort aanval is afhankelijk van de plaats in de hersenen waar de overmatige ontlading ontstaat en de duur ervan. Meestal duurt een aanval kort: een tot anderhalve minuut. De soort en hoeveelheid aanvallen kunnen per persoon verschillen. Sommige mensen vallen en gaan schokken met armen en benen, anderen voelen vreemde tintelingen, horen rare geluiden of staren een korte periode alleen maar voor zich uit. Er kan sprake zijn van volledige bewusteloosheid tijdens een aanval of het kan zijn dat het bewustzijn slechts licht verstoord is.

Diagnose

De diagnose epilepsie wordt pas gesteld wanneer u meerdere epileptische aanvallen heeft gehad binnen één jaar. Als er één aanval is geweest, hoeft dat nog niet te betekenen dat u epilepsie heeft. De aanval kan door bepaalde omstandigheden zijn uitgelokt, bijvoorbeeld bij hoge koorts.

Risicogroepen

Iedereen kan op elke leeftijd epilepsie krijgen. Maar epilepsie komt veel voor bij kinderen omdat de hersenen dan nog niet volgroeid zijn. Daardoor zijn ze gevoeliger voor allerlei storingen. Een arts zal altijd onderzoeken of er een duidelijke reden is. Veel mensen die epileptische aanvallen hebben, weten niet waarom ze die aanvallen krijgen. Er is geen afwijking in hun hersenen te zien en ook hun andere organen zijn prima in orde.

Beschadiging in de hersenen

Epilepsie kan soms ontstaan door een beschadiging in de hersenen. Bijvoorbeeld  een hersenbloeding of een hersenschudding. Het kan gebeuren dat niet direct maar pas jaren later de epileptische aanvallen beginnen. Andere oorzaken van epilepsie kunnen een tumor of zuurstofgebrek bij de geboorte zijn.

Preventie

Epilepsie is niet te voorkomen. Wel kan de kans op epileptische aanvallen zo klein mogelijk gemaakt worden door op tijd medicijnen in te nemen. Soms spelen uitlokkende factoren een rol bij het krijgen van een aanval. Er bestaat dan een verband tussen bepaalde situaties en het krijgen van een aanval, bijvoorbeeld door een tekort aan slaap en door spanningen. Dergelijke aanleidingen worden ook wel ‘triggers’ genoemd.

Behandeling

Als het (na onderzoek) zeker is dat u epilepsie heeft, krijgt u meestal medicijnen voorgeschreven, de zogenaamde anti-epileptica. Deze medicijnen moet u iedere dag innemen. Ze kunnen de epilepsie niet genezen, maar er wel voor zorgen dat er veel minder of helemaal geen aanvallen meer optreden. Medicijnen worden meestal als pillen ingenomen. Andere mogelijkheden zijn siroop en voor noodsituaties zetpillen.

Ziekenhuisopname

Het duurt soms langer voor een arts heeft ontdekt welk medicijn het beste de aanvallen tegenhoudt. Bij sommige ingewikkelde vormen van epilepsie is een ziekenhuisopname nodig om te onderzoeken wat de beste behandeling is.

Epilepsieconsulent

Rijnstate neemt deel aan het Project Epilepsieconsulent. Sinds 2008 zijn acht epilepsieconsulenten werkzaam in verschillende algemene ziekenhuizen. Voorheen leverden deze ziekenhuizen alleen algemene epilepsiezorg (gegeven door kinderarts en neuroloog) waarbij het accent op aanvalsbehandeling lag. Met de aanstelling van de epilepsieconsulenten is er nu ook aandacht voor de psychosociale aspecten van epilepsie. De epilepsieconsulente heeft op vrijdagochtend spreekuur op de polikliniek Neurologie.