1. Uw bezoek aan het ziekenhuis
Trombose
Marcel Hovens en patiënt in wachtkamer Rijnstate Vasculair Centrum

Uw bezoek aan het ziekenhuis

Heeft u symptomen die lijken op een trombosebeen, dan gaat u meestal eerst naar uw huisarts. Heeft uw huisarts het vermoeden dat u een trombosebeen heeft, dan kan hij een bloedtest doen om te kijken of dat vermoeden juist is. De diagnose trombosebeen kan echter pas echt gesteld worden in het ziekenhuis. Via uw huisarts komt u bij ons op het vaatlaboratorium in het Vasculair Centrum. Met behulp van een echo-duplexonderzoek wordt bekeken of er een stolsel in uw bloedvat zit. Dit is te zien en te merken als uw bloedvat niet dichtgeduwd kan worden.

Acute behandeling van een trombosebeen

Voor de eerste behandeling gaat u naar de Spoedeisende Hulp. Daar wordt de behandeling gestart en aanvullend onderzoek gedaan. Ook begint u met het dragen van compressiekousen om de zwelling van het been tegen te gaan.

Controle in het Vasculair Centrum

Na het opstarten van de behandeling komt u bij de specialist die gespecialiseerd is in trombose, de internist. Hier kunt u al uw vragen stellen. Samen bekijkt u of u eventuele risicofactoren voor trombose heeft en wat de oorzaak geweest kan zijn. De duur van de behandeling is mede afhankelijk van de oorzaak. Meestal slikt u drie tot zes maanden medicijnen, maar soms is het ook noodzakelijk om lange tijd met de behandeling door te gaan. Met de internist of de gespecialiseerd verpleegkundige kunt u ook eventuele zorgen en problemen bespreken. Is uw been flink gezwollen, dan volgt vaak ook een controle bij de dermatoloog om behandeling met de steunkousen (compressietherapie) aan te passen.

Behandeling van hart- en vaatziekten

Verschillende specialisten op het gebied van hart- en vaatziekten werken samen voor de beste zorg. Met innovatieve behandelmethoden en de meest moderne apparatuur. Jaarlijks behandelen we in het Rijnstate Vasculair Centrum zo’n 7.000 patiënten voor hart- en vaataandoeningen.