1. Speekselklieraandoeningen
Aandoening en behandeling
Specialist in spreekkamer geeft patiënte een hand

Speekselklieraandoeningen

Het grootste deel van de speekselvloed wordt gemaakt door de vier buiten de mond gelegen grote speekselklieren. Onder beide kaakranden ligt een glandula (klier) submandibularis (onderkaaks). Aan beide zijden voor het oor ligt een grote speekselklier, de glandula parotis (naast het oor). Deze klier bestaat uit twee delen: een oppervlakkig en een diep gelegen deel. Tussen deze twee delen in loopt een bijzonder belangrijke zenuw, de nervus (zenuw) facialis (aangezicht). Deze zenuw zorgt onder andere voor het sluiten van de lippen en het optrekken van de mond (lachen) en voor het sluiten van de oogleden.

Via een dunne buis loopt het speeksel uit deze klieren naar de mond. Het speeksel bevochtigt het ingenomen voedsel en door kauwen worden de enzymen (stoffen nodig voor de spijsvertering) uit het speeksel door het voedsel gemengd. Dit is de eerste stap in het spijsverteringsproces.

Onstekingen

In de speekselklieren kunnen ontstekingen of gezwellen ontstaan. In de afvoerbuizen naar de mond kunnen stenen voorkomen die de afvoer belemmeren en aanleiding kunnen geven tot ontstekingen. Er zijn verschillende aandoeningen van de speekselklier mogelijk. Niet altijd is een operatie noodzakelijk.

Lees meer over de verschillende aandoeningen en behandelingen in de folder Speekselklieraandoeningen.