1. Over de heup
Heupprothese
Patient man zit in wachtkamer met krukken

Over de heup

Het heupgewricht is een kogelgewricht, dat het mogelijk maakt om het dijbeen (femur) te bewegen ten opzichte van het heupbeen (bekken). Het bekken bevat een holte, de heupkom. De kop van het dijbeen past in de heupkom, en samen vormen zij zo een kogelgewricht dat het been een grote beweeglijkheid geeft. De buitenkant van de dijbeenkop en de binnenkant van de heupkom zijn bedekt met kraakbeen. De oppervlakte van het kraakbeen is stevig en zeer glad waardoor de twee oppervlakten bij alle bewegingen soepel over elkaar heen kunnen schuiven.

Stevige gewrichtsbanden houden het bekken en het dijbeen bij elkaar, dekken het gewricht af en stabiliseren het. De bewegingen van het heupgewricht worden gestuurd door de bilspieren aan de achterkant en zijkant en de dijbeenspieren aan de voorkant.

Een gezonde heup laat het been vrij bewegen binnen zijn bewegingsbereik, ondersteunt ondertussen het bovenlichaam en absorbeert de schokken die ontstaan door activiteiten zoals lopen en rennen.