1. De operatie
Heupprothese
Patient man zit in wachtkamer met krukken

De operatie

Vlak voordat u naar de operatieafdeling gaat, krijgt u operatiekleding aan. Het kan zijn dat u van de verpleegkundige medicijnen krijgt ter voorbereiding op de operatie. Voordat u de operatiekamer in gaat, krijgt u in de voorbereidingsruimte een infuus. Via dit infuus worden vocht en medicijnen toegediend. In de operatiekamer geeft de anesthesioloog de verdoving, in de vorm van een ruggenprik of narcose.

De orthopedisch chirurg voert de operatie uit, meestal samen met een orthopedisch chirurg in opleiding. Tijdens de operatie bent u onder voortdurende controle van de anesthesioloog. Deze bewaakt onder meer uw ademhaling, hartslag en bloeddruk.

Na de operatie

Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer (verkoeverkamer). Hier controleren we regelmatig uw bloeddruk, hartslag, temperatuur en ademhaling. Als u goed wakker bent, gaat u in principe terug naar uw kamer op de verpleegafdeling en wordt uw contactpersoon gebeld. Eten en drinken wordt geleidelijk aan opgebouwd. Na de operatie kunt u pijn hebben. U krijgt op vaste tijden tabletten tegen de pijn. Als dit niet voldoende is, zal de anesthesioloog andere medicijnen voorschrijven. Tegen eventuele misselijkheid als gevolg van de operatie, kunt u medicijnen krijgen.

Het kan voorkomen dat de anesthesioloog beslist om u één nacht naar de afdeling PACU/Medium Care te laten gaan. Deze afdeling is bedoeld voor extra controle. Als alles goed gaat, mag u de dag na de operatie weer naar uw kamer op de verpleegafdeling.

Fraxiparine spuiten tegen trombose

Na de operatie heeft u een verhoogde kans op het krijgen van trombose. Om de kans hierop te verkleinen, start u op de dag van de operatie eenmaal per dag met een onderhuidse injectie Fraxiparine. Dit moet u meestal gedurende een periode thuis voortzetten. In een video legt de orthopedisch consulent uit hoe dit in zijn werk gaat. Als u al bloedverdunnende middelen gebruikt, dan kan het in uw geval anders zijn.

Fysiotherapie

Fysiotherapie speelt een belangrijke rol bij het uiteindelijke resultaat van de behandeling. Ongeveer drie uur na de operatie komt de fysiotherapeut al bij u langs. Hij/zij informeert u over de behandeling en neemt met u de eerste oefeningen door. Lees meer over fysiotherapie.

Houding en beweging

Omdat het gewrichtskapsel na de operatie enige tijd nodig heeft om te herstellen voordat het weer stevigheid kan bieden, raden wij u aan de eerste zes weken na de operatie de volgende adviezen in acht te nemen:

  • Het is belangrijk dat u twee keer per dag een half uur plat op uw rug ligt om uw spieren op te trekken
  • Zorg dat u comfortabel zit en makkelijk op kan staan. Zit daarom bij voorkeur op een hoge stoel met armleuningen waarbij een hoek van 90 graden is aan te bevelen. Houdt rekening met de hoek van 90 graden of groter in alle situaties waarbij u gaat zitten. Denk aan uw stoel, toilet en de hoogte van uw bedrand. Als het nodig is kunt u een toiletverhoger lenen. U kunt het bed ophogen met klossen of een extra matras.
  • Ga aan de kant van uw geopereerde heup in en uit bed. Bent u rechts geopereerd, dan stapt u dus aan de rechterzijde in en uit bed. Als u op de rand van het bed zit om in bed te gaan, legt u eerst het niet-geopereerde been in het bed en dan pas het geopereerde been. Bij het uit bed gaan, begint u met het geopereerde been. Plaats een kussen tussen uw benen als u op uw zij ligt. Na zes weken kunt u dit achterwege laten.
  • U mag de eerste zes weken niet hurken als uw heupprothese via de achterste benadering is geplaatst.
  • Voorkom dat u bij voorover buigen (flexie) uw knie naar binnen draait (endorotatie) als uw heupprothese via de achterste benadering is geplaatst. Denk hieraan bij bijvoorbeeld het aantrekken van schoenen of sokken.