Aandoening, behandeling en onderzoek
Specialist in spreekkamer geeft patiënte een hand
Laatste informatie over het coronavirus

E.R.C.P.

U heeft met uw behandelend arts afgesproken dat u binnenkort een E.R.C.P. (endoscopische retrograde cholangeo-pancreaticografie) ondergaat. Dit is een onderzoek van de galwegen (cholangieën) en de afvoergang van de alvleesklier (pancreas). 

Een E.R.C.P. gebeurt met behulp van een buigzame slang, de endoscoop. Aan de punt van de endoscoop zit een kijker. Tijdens het onderzoek wordt de endoscoop via uw mond, slokdarm en maag naar de dunne darm gebracht. Op deze manier kan de arts de uitgang van uw galwegen en alvleesklier in de dunne darm bekijken. Door een dun slangetje (katheter) wordt via de endoscoop contrastvloeistof in de galwegen en de afvoergang van de alvleesklier gebracht. Deze worden dan zichtbaar op het röntgenscherm. Vervolgens kunnen er röntgenfoto's gemaakt worden. Zo is het mogelijk om eventuele afwijkingen in uw galwegen of de afvoergang van uw alvleesklier op te sporen en te behandelen.

Voorbereidingen thuis

Bij gebruik van antistollingsmiddelen vertelt de aanvragend arts of de verpleegkundige op het pre-endoscopisch spreekuur of u deze medicijnen mag doorgebruiken of dat deze gestopt moeten worden. Als u alleen Ascal (acetylsalicylzuur, carbasalaat calcium, carbasalaat neuro) gebruikt, hoeft deze niet gestopt te worden. Gebruikt u andere antistollingsmiddelen of een combinatie met Ascal en zijn hierover geen afspraken gemaakt, neem dan contact op met de polikliniek Maag-Darmleverziekten.

Als u diabeet bent, vragen wij u om ook een week voor het onderzoek contact op te nemen met de arts bij wie u hiervoor onder behandeling bent. Eventueel moet uw medicatie tijdelijk aangepast worden.

Voorbereiding:
• Tot zes uur voor de behandeling mag u een lichte maaltijd (beschuitje en een kopje thee), koffie of een melkproduct gebruiken.
• Drinken van water (zonder koolzuur) of thee mag tot twee uur voor de behandeling, maar u moet thee zonder suiker en melk gebruiken. Ook mag u geen vruchtensappen met vruchtvlees.
• Het poetsen van de tanden of het nemen van een klein slokje water om medicijnen in te nemen mag tot zestig minuten voor de ingreep.

U wordt voor dit onderzoek ongeveer 24 uur opgenomen.

Voorbereidingen in het ziekenhuis

Op de ochtend van het onderzoek meldt u zich op de afgesproken tijd bij de Opnamebalie. Dan wordt u naar de afdeling gebracht waar u wordt opgenomen. Op de afdeling wordt er zo nodig bloed afgenomen voor een bloedonderzoek.

Belangrijk:
Als u zwanger bent of er een kans op zwangerschap bestaat, is het belangrijk dat u dit voor het onderzoek aan de arts laat weten.

Het onderzoek vindt plaats op de Endoscopieafdeling en wordt uitgevoerd door een arts, die geassisteerd wordt door twee verpleegkundigen, een sedatiemedewerker en personeel van de röntgenafdeling. U wordt gevraagd om op de onderzoektafel plaats te nemen en op uw buik te gaan liggen.

Als u een gebitsprothese heeft, is het nodig deze uit te doen. Heeft u uw eigen gebit nog, dan krijgt u een bijtring tussen de tanden om uw tanden en de endoscoop te beschermen. U krijgt een infuusnaaldje in uw arm waardoor u een slaapmiddel krijgt toegediend. Het slaapmiddel kan aanleiding geven tot een verminderde ademhaling of hartritmestoornissen. Om dit te kunnen controleren, krijgt u een knijpertje aan uw vinger of oor om uw hartslag en zuurstofgehalte in het bloed te registreren. Ook wordt uw bloeddruk gemeten tijdens het onderzoek. Als het nodig is, krijgt u medicijnen toegediend via het infuusnaaldje. 

Onderzoek 

De arts brengt de endoscoop via uw keel, slokdarm en maag tot in de dunne darm. Het onderzoek duurt 30 tot 45 minuten. Dit is afhankelijk van:

  • de ligging en de bereikbaarheid van uw galwegen en de afvoergang van uw alvleesklier
  • de eventuele ingrepen die de arts doet

Tijdens het onderzoek kunnen afhankelijk van de bevindingen ook ingrepen verricht worden, bijvoorbeeld:

  • Het wijder maken van de afvoergang van de galwegen (papillotomie)
  • Het verwijderen van stenen uit de galwegen
  • Het plaatsen van een plastic buisje (endoprothese) in de galwegen, als er sprake is van een ernstige vernauwing
  • Het wegnemen van weefsel voor microscopisch onderzoek 

Na het onderzoek

Na het onderzoek wordt u naar de verpleegafdeling gebracht. Afhankelijk van hoe het met u gaat, mag u de volgende dag naar huis, blijft u bij Rijnstate opgenomen of gaat u weer terug naar het ziekenhuis waar u vandaan komt. Door het slaapmiddel bent u na het onderzoek nog wat versuft. De verpleegkundige komt regelmatig bij u kijken en controleert uw pols, temperatuur en bloeddruk. U kunt na het onderzoek last hebben van buikpijn, omdat er tijdens de E.R.C.P. lucht in uw darm geblazen is. Meestal verminderen de klachten in de eerste uren na het onderzoek.

Als er verder geen complicaties zijn en uw bloeduitslagen goed zijn, mag u in de loop van de avond weer normaal eten. Als uw bloeduitslagen de volgende dag ook goed zijn, mag u naar huis.

Complicaties

Een E.R.C.P. is over het algemeen een veilig onderzoek, waarbij complicaties weinig voorkomen. In de afgelopen jaren heeft zich bij een zeer klein aantal patiënten een infectie voorgedaan na een E.R.C.P. Deze infectie kan mogelijk worden overgedragen door de E.R.C.P.-endoscoop zelf, ondanks het feit dat deze zorgvuldig en volgens de handleiding van de fabrikant gereinigd en gedesinfecteerd is. Deze overdracht van een infectie komt niet alleen in Nederland voor maar ook in andere landen waar E.R.C.P.’s gedaan worden.

Bespreek het onderzoek met uw arts
Naar aanleiding van deze incidenten hebben de ziekenhuizen in Nederland vanzelfsprekend maatregelen genomen om de kans op een overdacht zo klein mogelijk te maken. De kans op het krijgen van een infectie is uiterst klein, maar wij vinden het belangrijk dat u voorafgaand aan het onderzoek hiervan op de hoogte wordt gesteld. Daarom geven wij u de aanbeveling om met uw behandelend arts de voordelen en de risico’s van het onderzoek te bespreken. In de meeste gevallen is de gezondheidswinst die een E.R.C.P. u oplevert veel groter dan het kleine risico op infectie. Bedenk daarbij dat het onderzoek vaak uitgevoerd moet worden om een eventuele levensbedreigende situatie te behandelen of te voorkomen.

Andere mogelijke complicaties

  • Tijdens een E.R.C.P. kan het voorkomen dat een patiënt zich tijdens het onderzoek verslikt en er wat maaginhoud in de longen terecht komt. Een slaapmiddel kan soms aanleiding geven tot een verminderd bewustzijn, waardoor de kans op verslikken iets groter is. Soms kan er na het verslikken een luchtweginfectie of longontsteking optreden. Dit gebeurt vaker bij spoedonderzoeken als iemand niet nuchter is.
  • Als de scoop moeizaam de keel kan passeren of als er vernauwingen in de slokdarm zijn, komt het in zeer zeldzame gevallen voor dat er een perforatie in de slokdarm of in de maag ontstaat.
  • Soms lukt het niet direct om de katheter in de afvoergangen in te brengen. Meestal wordt dan enkele dagen later een tweede poging gedaan. Heeft u eerder een maagoperatie gehad, dan kan de kans op succes kleiner zijn. Door de operatie kan het moeilijker zijn om bij de afvoergang van de galwegen te komen.
  • Door het inspuiten van het contrastmiddel kan soms de alvleesklier ontstoken raken. Deze ontsteking is meestal binnen enkele dagen genezen, maar kan in een enkel geval een ernstig verloop hebben. Ook kunnen de galwegen ontstoken raken door het inspuiten van de contrastvloeistof. Zelden heeft dit een ernstig verloop.
  • Een papillotomie (het wijder maken van de afvoergang van de galwegen) kan een bloeding veroorzaken. Een enkele keer kan hierbij een gaatje in de darm ontstaan (een perforatie). Hoe meer ingrepen tijdens het onderzoek worden verricht, des te groter is de kans op een complicatie. Deze kans is klein, maar wel aanwezig. In het algemeen kan zo'n complicatie zonder operatie worden verholpen, maar soms is een operatie toch nodig.
  • Bij patiënten met een slecht gebit kan door de bijtring schade aan het gebit ontstaan. Dit komt slechts in een enkel geval voor. Het ziekenhuis accepteert hiervoor geen aansprakelijkheid.

Na een E.R.C.P. hebben veel patiënten last van milde symptomen zoals een gevoelige keel of milde buikklachten.

Wanneer neemt u meteen contact met ons op?

Neem direct contact op met uw MDL-arts of met de Spoedeisende Hulp als u in de week na de E.R.C.P. last krijgt van:

  • koorts of koude rillingen
  • plotselinge hevige pijn
  • pikzwarte ontlasting hebt of (kleine beetjes) bloed braken. Dit wijst mogelijk op een bloeding
  • benauwdheid of pijn op de borst
  • misselijkheid en/of overgeven

Uitslag 

De arts die het onderzoek heeft aangevraagd krijgt een verslag van het onderzoek en bespreekt de uitslag met u. 

Vragen? 

Heeft u nog vragen hebt over het onderzoek, stelt u ze dan aan de arts of de verpleegkundige voordat het onderzoek plaatsvindt. U kunt voor eventuele dringende vragen ook bellen naar de afdeling Endoscopie. 

Telefoonnummers 

  • Polikliniek Maag- Darm- en Leverklachten: 088 - 005 68 00 (kantooruren)
  • Buiten kantooruren kunt u voor spoedgevallen contact opnemen met de Spoedeisende Hulp, via 088 - 005 6680.

Onze specialismen

voor deze aandoening
Sluiten

Welke informatie wilt u downloaden?

De pagina die u nu bekijkt, is automatisch aangevinkt om te downloaden. Ziet u hieronder nog meer pagina’s staan? Dan kunt u zelf aanvinken welke pagina’s u wilt toevoegen.

De huidige pagina

Lettergrootte PDF
Deel PDF via: