Aandoening, behandeling en onderzoek
Specialist in spreekkamer geeft patiënte een hand
Laatste informatie over het coronavirus

Antistollingsmedicatie rondom uw onderzoek of behandeling

U gebruikt antistollingstabletten (acenocoumarol of fenprocoumon), waarvoor u bij de INR Trombosedienst gecontroleerd wordt. Binnenkort komt u in Rijnstate voor een onderzoek of behandeling. Van tevoren moet de dosering van uw antistollingstabletten worden aangepast, zodat de stollingswaarde van uw bloed (INR) lager wordt.

Welke afspraken heeft Rijnstate met de INR Trombosedienst gemaakt?

De arts die het onderzoek of de behandeling uitvoert, stuurt een ingrepenformulier naar de INR Trombosedienst. Dat formulier gebruikt de trombosedienst om u een aangepaste doseerbrief te kunnen sturen en eventueel een extra controle af te spreken. 

Hoe weet ik wanneer ik moet stoppen met de antistollingstabletten? 

Op welke dagen u moet stoppen met de tabletten, leest u op de doseerbrief van de INR Trombosedienst. Meestal is dit een paar dagen vóór het onderzoek of de behandeling. Soms is stoppen alleen niet voldoende. Dan neemt de trombosedienst contact met u op over een recept vitamine K om uw INR verder te laten dalen. 

En na het onderzoek / de behandeling? 

Na het onderzoek of de behandeling volgt u de doseerbrief van de INR Trombosedienst op, tenzij uw arts na het onderzoek/de behandeling anders adviseert. 

Moet ik nadroparine-injecties gebruiken? 

Het kan zijn dat u tijdelijk injecties met nadroparine moet gebruiken. Uw behandelend arts bij Rijnstate geeft u het recept hiervoor mee en zorgt ervoor dat u (of iemand anders) weet hoe u deze injecties moet toedienen. U hoort van de INR trombosedienst wanneer u met de nadroparine moet starten. Meestal is dat op de dag nadat u met de antistollingstabletten bent gestopt. 

Op de avond vóór en op de dag van het onderzoek of de behandeling mag u in principe geen injecties gebruiken.

Na het onderzoek of de behandeling begint u weer met de injecties. Het moment van hervatten wordt bepaald door uw behandelend arts bij Rijnstate. U krijgt van de INR Trombosedienst bericht wanneer u met de injecties kunt stoppen. Meestal is dat zodra er één keer een goede INR-waarde is gemeten.

Let op:
Als de datum van het onderzoek of de behandeling nog niet bekend is, moet u deze zélf doorgeven aan de INR Trombosedienst, zodra deze datum bekend is. 

Vragen? 

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen, neemt u dan contact op met de polikliniek van het specialisme waar u behandeld wordt of met de INR Trombosedienst. 

Telefoonnummer INR Trombosedienst: 024 - 365 7000 

 

Sluiten

Welke informatie wilt u downloaden?

De pagina die u nu bekijkt, is automatisch aangevinkt om te downloaden. Ziet u hieronder nog meer pagina’s staan? Dan kunt u zelf aanvinken welke pagina’s u wilt toevoegen.

De huidige pagina

Lettergrootte PDF
Deel PDF via: