-
Specialisten van Rijnstate gaan live met EPD
Op 18 juni wordt het digitaal medisch dossier in Rijnstate in gebruik genomen. Lees meer
-
Nieuwe tropenopleider kindergeneeskunde
Kinderarts Albertine Baauw is sinds 1 april aangesteld als tropenopleider kindergeneeskunde. Lees meer
-
Topzorg voor verwijderen van amandelen
Zorgverzekeraar Menzis heeft Rijnstate een Topzorg predicaat gegeven voor het verwijderen van amandelen. Lees meer
- Huisartsen-specialistendag op 21 juni ipv 7 juni
- Rondleiding nieuwe huisartsen
- Symposium ‘Risico’s in de Bush’
- 21 juni 2012: Huisartsen - Specialistendag
De huisartsen-specialistendag wordt verschoven van 7 juni naar 21 juni. Lees meer
Geef u nu op voor de rondleiding bij Rijnstate Arnhem op 26 april! Lees meer
Op 23 maart houdt de Travel Clinic Oost een symposium over reizigersgeneeskunde. U kunt zich nog inschrijven. Lees meer
Donderdag 21 juni 2012 vindt de jaarlijkse Huisartsen–Specialistendag weer plaats. Lees meer
De uitslag
Bij het maken van het uitstrijkje vertelt u de patiënte hoe en wanneer zij de uitslag kan verwachten. De patiënte ontvangt de uitslag meestal in de vorm van een PAP-klasse. Op basis van deze klasse wordt bepaald of het uitstrijkje nog een keer herhaald moet worden of dat de patiënte doorverwezen moet worden naar de gynaecoloog.
PAP-klassen
De PAP-klassen zijn vernoemd naar de uitvinder ervan, dr. George Papanicolaou. De PAP-beoordeling wordt afgeleid van de KOPAK-B classificatie. KOPAC-B staat voor Kompositie, Ontstekingsverschijnselen, Plaveiselepitheel, Endometrium, Cilinderepitheel en Beoordeelbaarheid. Op basis van de uitslag op deze items wordt de PAP-klasse bepaald.
PAP 0
Bij de klasse PAP 0 is de uitstrijk door bijvoorbeeld ontsteking of bijmenging met bloed niet te beoordelen. Het uitstrijkje dient dan ook na 6 weken herhaald te worden.
PAP 1
PAP 1 laat een normaal celbeeld zien: er worden geen afwijkingen geconstateerd. Indien in het kader van bevolkingsonderzoek afgenomen dan wordt het uitstrijkje, tenzij er zich tussentijds klachten voordoen, 5 jaar later weer herhaald.
PAP 2
Bij PAP 2 zijn er kleine celafwijkingen te zien. Na 6 maanden dient de uitstrijk herhaald te worden. Indien dezelfde celafwijkingen worden gezien, dient de patiënt te worden doorverwezen naar een gynaecoloog voor colposcopie.
PAP 3a
Bij PAP 3a spreekt men in de cervix-cytologie van een geringe of matige dysplasie. Hier zijn de kernafwijkingen wat meer pre-existent. Bij een matige dysplasie dient de patiënt meteen naar de gynaecoloog te worden doorverwezen voor colposcopie.
PAP 3b
Bij PAP 3b spreekt men van ernstige dysplasie. Ook hier dient de patiënt meteen te worden doorverwezen.
PAP 4
Bij PAP 4 is er mogelijk sprake van een carcinoom in situ. Er dient altijd naar de gynaecoloog doorverwezen te worden voor colposcopisch onderzoek.
PAP 5
Bij PAP 5 worden er kankercellen in het uitstrijkje aangetroffen. Dit kunnen kankercellen zijn die primair afkomstig zijn van een tumor in de cervix, uterus of eileider.

