Schouderartrose
Het kraakbeen van uw schoudergewricht kan worden aangetast door slijtage (artrose). Dit leidt tot pijn, kraken en functievermindering in uw schouder. Vaak straalt de pijn uit naar uw nek, bovenarm of hand. Uw schouder kan ook stijf worden. De behandeling van schouderartrose kan bestaan uit medicatie en/of fysiotherapie, of een operatie waarbij een kunstschouder (schouderprothese) wordt geïmplanteerd.
Risicogroepen
Artrose komt voornamelijk op oudere leeftijd voor. Artrose kan ontstaan als gevolg van:
- een oud letsel, bijvoorbeeld beschadiging na breuken of ontstekingen in de schouder;
- aangeboren afwijkingen;
- langdurige overbelasting (bijvoorbeeld door zwaar werk);
- reumatoïde artritis.
Behandelmethoden
Wanneer medicijnen en fysiotherapie geen verlichting brengen en de beweeglijkheid afneemt, is een operatie vaak de enige oplossing. De orthopedisch chirurg kan u dan adviseren om het versleten gewricht te laten vervangen door een kunstgewricht, ofwel een schouderprothese.
Implantatie schouderprothese
De orthopedisch chirurg verwijdert het versleten kraakbeen van de kop van de bovenarm. Eventueel wordt een kunstkom geplaatst wanneer dit nodig is. Daarna wordt de hele kop van de bovenarm verwijderd en vervangen door een metalen kunstkop die met een pin in de mergholte van de bovenarm wordt vastgezet.
Schouderpoli
Patiënten met specifieke en complexe schouderklachten kunnen terecht op de speciale schouderpoli. Patiënten worden onderzocht en behandeld door een schouderteam van orthopeden en fysiotherapeuten. De schouderpoli heeft nauwelijks wachttijd en aanvullende onderzoeken (echo of MRI scan) worden op korte termijn (binnen 1 tot 2 weken) gedaan. Er is tevens een oefentraject via bijvoorbeeld Medisch Sportcentrum Papendal.



