Specialismen
Incontinentie
Incontinentie is het ongewenste verlies van urine of ontlasting. Incontinentie voor urine komt veel vaker voor dan incontinentie voor ontlasting. Veelal kan door goed onderzoek de oorzaak achterhaald worden. Als het niet lukt om de oorzaak te vinden of te behandelen, is het goed gebruik van incontinentiemateriaal van belang. Er zijn twee verschillende vormen van incontinentie: inspanningsincontinentie en aandrang-incontinentie. Ook een combinatie van beide vormen komt voor.
Inspanningsincontinentie
Urineverlies bij inspanning zoals tillen, sporten of springen. De druk in uw buikholte neemt plotseling toe door het aanspannen van de buikspieren. Dit gebeurt bijvoorbeeld als u hoest, lacht of iets optilt. Dit wordt ook ‘stress-incontinentie’ genoemd.
Aandrang-incontinentie
Bij aandrang-incontinentie (of urge-incontinentie) hebt u zeer vaak aandrang om te plassen. Elk half uur is niet ongebruikelijk. Soms is de aandrang zo sterk of plotseling dat u het toilet niet op tijd haalt. Verandering van lichaamshouding, lopen of het horen van stromend water veroorzaakt soms ook urineverlies. Het urineverlies kan ook ’s nachts optreden. Deze vorm van urine-incontinentie heeft meestal niets te maken met een zwakke bekkenbodem, maar wordt veroorzaakt door een stoornis van de blaas of van de zenuwvoorziening van de blaas.
Risicogroepen
In Nederland hebben bijna 1 miljoen mensen last van incontinentieklachten. Incontinentie komt vaker voor bij oudere mensen, maar kan op elke leeftijd klachten geven. Ook zwangere vrouwen hebben er vaak last van. Van invloed op het ontstaan van incontinentie kunnen zijn:
- lichamelijke klachten zoals:o.a. obstipatie, verzakking (bijv. na bevallingen), prostaatklachten, diabetes mellitus, astma en bronchitisbeelden, hartfalen, herseninfarcten, slecht lopen, urineweginfectie;
- medicijngebruik zoals rustgevende medicijnen;
- psychische klachten zoals: stress, dementie, depressie.
Behandelmethoden
De behandelmethoden zijn verschillend. U krijgt meestal lichamelijk en psychisch onderzoek om te achterhalen wat de vorm en de oorzaak van de incontinentie zijn, zodat deze behandeld kunnen worden.
Verder krijgt u (en uw familie) informatie en omgangsadviezen over het gebruik van incontinentiemateriaal.
Afhankelijk van welke vorm van incontinentie wordt geconstateerd, kan de behandeling bestaan uit medicamenteuze therapie, blaastraining, fysiotherapie, zenuwstimulatie (neurostimulatie ofwel PTNS) of operatie (TOT).

