Epilepsie bij kinderen
Epilepsie is een aandoening die zich uit in aanvallen. Aanvallen ontstaan door een plotselinge, tijdelijke verstoring van de elektrische prikkeloverdracht in de hersenen, een soort ‘kortsluiting’. Tijdens epileptische aanvallen gaan groepen hersencellen zich chaotisch op hevige wijze gelijktijdig ontladen.
Aanvallen
Het soort aanval is afhankelijk van de plaats in de hersenen waar de overmatige ontlading ontstaat en de duur ervan. Meestal duurt een aanval kort: een tot anderhalve minuut. De soort en hoeveelheid aanvallen kunnen van kind tot kind verschillen. Het ene kind valt en gaat schokken met armen en benen, het andere voelt vreemde tintelingen, hoort rare geluiden of staart een korte periode alleen maar voor zich uit. Er kan sprake zijn van volledige bewusteloosheid tijdens een aanval of het kan zijn dat het bewustzijn slechts licht gestoord is. En soms is het kind zich zelfs geheel bewust van de aanval.
Diagnose
De diagnose epilepsie wordt pas gesteld als een kind meerdere epileptische aanvallen heeft gehad binnen één jaar. Als er één aanval is geweest, hoeft dat nog niet te betekenen dat uw kind epilepsie heeft. De aanval kan door bepaalde omstandigheden zijn uitgelokt, bijvoorbeeld bij hoge koorts.
Risicogroepen
Iedereen kan op elke leeftijd epilepsie krijgen. Maar epilepsie komt veel voor bij kinderen omdat de hersenen dan nog niet volgroeid zijn. Daardoor zijn ze gevoeliger voor allerlei storingen. Een arts zal altijd onderzoeken of er een duidelijke reden is. Veel mensen die epileptische aanvallen hebben, weten niet waarom ze die aanvallen krijgen. Er is geen afwijking in hun hersenen te zien en ook hun andere organen zijn prima in orde.
Beschadiging in de hersenen
Epilepsie kan soms ontstaan door een beschadiging in de hersenen. Bijvoorbeeld door een hersenbloeding of een hersenschudding. Het kan gebeuren dat niet direct maar pas jaren later de epileptische aanvallen beginnen. Andere oorzaken van epilepsie kunnen een tumor of zuurstofgebrek bij de geboorte zijn.
Preventie
Epilepsie is niet te voorkomen. Wel kan de kans op epileptische aanvallen zo klein mogelijk gemaakt door op tijd medicatie in te nemen. Soms spelen uitlokkende factoren een rol bij het krijgen van een aanval. Er bestaat dan een verband tussen bepaalde situaties en het krijgen van een aanval, bijvoorbeeld door een tekort aan slaap en door spanningen. Dergelijke aanleidingen worden ook wel ‘triggers’ genoemd.
Behandelmethoden
Als het (na onderzoek) eenmaal zeker is dat uw kind epilepsie heeft, krijgt uw kind meestal medicijnen voorgeschreven, de zogenaamde anti-epileptica. Die medicijnen moeten iedere dag ingenomen worden. Ze kunnen de epilepsie niet genezen, maar er wel voor te zorgen dat er veel minder of helemaal geen aanvallen meer optreden. Medicijnen worden meestal als pillen ingenomen. Andere mogelijkheden zijn siroop en voor noodsituaties zetpillen.
Ziekenhuisopname
Het duurt soms langer voor een arts heeft ontdekt welk medicijn het beste de aanvallen tegenhoudt. Bij sommige ingewikkelde vormen van epilepsie is een ziekenhuisopname nodig om tot een goede epilepsiebehandeling te komen.

